Beleidsevaluaties
Evaluaties van Natuur- en biodiversiteitsbeleid
De evaluaties die PBL en eerder het MNP over natuur en biodiversiteit hebben gemaakt worden op twee wijze geordend: chronologisch per publicatie, en inhoudelijk per thema. De chronologische ordening vindt u hier. De thematische is momenteel nog in bewerking en volgt binenkort.
Chronologische ordening van beleidsanalyses
Conclusies uit Natuurbalansen
Een vast onderdeel van de natuurbalans vormt de evaluatie van de beleidsprestaties, zoals de gerealiseerde omvang en kwaliteit van de ecologische hoofdstructuur (EHS). Daarnaast is er een jaarlijks hoofdthema. Voor 2008 was dit "natte natuur", in 2007: 15 jaar Natuurbeleid, in 2005 'geldstromen'. In 2004 was dat “actoren" en voor 2003: “Klimaatverandering”. Hier volgt een (onvolledige) selectie van conclusies die het PBL en eerder het MNP hebbben gepubliceerd aangaande het natuurbeleid. Naar beleidsevaluaties in Natuurbalansen
Beleidsevaluatie uit overige rapporten
Quick scan ecologische effectiviteit natuurwetgeving
-
"Natuurwetgeving voorwaarde voor beschermen natuur". Dit is de hoofdconclusie die het MNP heeft getrokken als antwoord op vragen van het Ministerie van LNV over de ecologische effectiviteit van natuurwetgeving.
-
De diverse planten- en diersoorten en de natuurgebieden laten verschillen in hun ontwikkeling. Het totale beeld is, dat het biodiversiteitverlies van de afgelopen eeuw nog niet tot stilstand is gekomen en dat de natuur in Nederland steeds eenvormiger wordt.
-
Wat van de trends is toe te rekenen aan de natuurwetgeving? Deze vraag is erg lastig te beantwoorden omdat natuurwetgeving interfereert met andere maatregelen, zoals beheer van bestaande natuurgebieden, inrichting van nieuwe natuurgebieden en het nemen van maatregelen om de water- en milieucondities van natuurgebieden te verbeteren. De natuurwetgeving heeft als effect dat diverse natuurgebieden behouden zijn gebleven, die zonder bescherming (deels) een andere bestemming zouden hebben gekregen voor met name woningbouw en infrastructuur. Voor sommige beschermde gebieden is aantoonbaar dat de wettelijke bescherming (gekoppeld aan beheer) tot instandhouding van specifieke soorten heeft geleid.
-
Wat zou er zijn gebeurd als de wetten er niet waren? Zonder wetgeving zou het areaal natuur geringer en nog sterker versnipperd zijn geweest dan nu het geval is. Ongetwijfeld zou dit hebben betekend dat de diversiteit aan soorten en habitats geringer zou zijn geweest.
-
Alles overziend concludeert het MNP dat bescherming via natuurwetgeving gezien de druk op natuur een belangrijke voorwaarde is voor het beschermen van natuur en biodiversiteit. Het MNP acht de Nederlandse natuurwetgeving in kwalitatieve zin hiervoor geschikt, maar wijst er op dat de uitvoering en handhaving verbetering behoeven. Een belangrijk signaal is dat uitvoerenden (waaronder gemeenten) de wetgeving als complex beschouwen. Wetgeving is slechts effectief in combinatie met andere instrumenten en kan worden gezien als de eerste stap die de weg vrij maakt voor milieumaatregelen of beheer, en als bepalend (kanaliserend) voor de ecologische effectiviteit van opvolgende natuurbeleidmaatregelen.
-
Bundeling van verstedelijking is goed voor natuur en bereikbaarheid. De Nota Ruimte beoogt de verstedelijking te bundelen rondom de grotere steden. Daarmee kunnen de gewenste stedelijke en groene woonmilieus gecreeerd worden, terwijl tegelijkertijd de aantasting van natuur en landschap beperkt blijft en voorzieningen bereikbaar blijven. Voor de Randstad geldt dat woningbouw buiten het Groene Hart de minste aantasting van milieu, natuur, landschap en water op leveren. De Nota Ruimte kiest echter ook voor verstedelijking die het Groene Hart niet ongemoeid laat.