Planbureau voor de Leefomgeving

Post-2012 koolstofmarkt: impact van reductiedoelen van ontwikkelingslanden op de koolstofmarkt

Rapport | 28-07-2009
Foto van rokende schoorsteen

In de aanloop naar de klimaatconferentie in Kopenhagen stapelt het wetenschappelijke bewijs zich op dat substantiële reducties in broeikasgasemissies, in zowel geïndustrialiseerde landen (Annex I) als niet-geïndustrialiseerde landen (niet-Annex I landen), noodzakelijk zijn. In deze studie zijn de implicaties van het behalen van de minimale emissiereducties die nodig zijn om de concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer op 450 delen per miljoen (ppm) CO2-equivalent onderzocht.

Links

Om wereldwijde broeikasgasemissies op een laag stabilisatieniveau te brengen, hetgeen de kansen vergroot om de gemiddelde temperatuurtoename wereldwijd te beperken tot 2 graden Celsius, zouden Annex I-landen hun emissies moeten reduceren met 25-40% rond het jaar 2020, terwijl niet-Annex I landen substantieel moeten afwijken van hun referentie-emissies.

Deze 'substantiële afwijkingen van de referentie' van niet-Annex I landen worden in een recent paper gekwantificeerd in de orde van 15-30% onder de referentie-emissies van 2020. In deze studie worden de implicaties onderzocht van het behalen van de minimale emissiereducties die nodig zijn om de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer te stabiliseren naar 450 ppm CO2-equivalent. Voor Annex I-landen is een algehele emissiereductie aangenomen voor 2020 van 30% onder 1990-waarden. Voor de niet-Annex I regio als geheel zijn emissiereducties aangenomen van rond de 15% onder business-as-usual binnen dezelfde tijdspanne, wat behaald kan worden door nationale mitigatie-inspanningen van de zogenoemde 'opkomende economieën '.

Deze studie is uitgevoerd in het kader van het Wetenschappelijke Assessment en Beleidsanalyse Klimaatverandering (WAB) programma.

Bibliografie
Auteur(s)Bole T ; Saidi MAR ; Bakker SJA
Rapportnr.500102030
Publicatiedatum28-07-2009
Pagina's60
TaalEngels / English